openBoekje: palmzondag
Het evangelie dat bij de palmwijding wordt gelezen, vinden we bij Marcus, Matteüs en Lucas, de drie synoptici. Hun verhaal over de intrede van Jezus in Jeruzalem is weinig verschillend. Wel last Matteüs, de schriftgeleerde, een toevoeging in: 'Zeg tegen de dochter van Sion: zie, uw koning komt naar u toe, zachtmoedig en zittend op een ezel, op een veulen, het jong van een lastdier.' Daarmee citeert hij de profeet Zacharia 9,9. Die beschrijft de weg die Alexander de Grote indertijd volgde bij zijn zegetocht door het Oude Oosten. Zacharia herkent hierin de overwinningstocht van God zelf die zijn volk uit de ballingschap komt bevrijden. Matteüs neemt de oude draad op en past de woorden toe op Jezus die Jeruzalem, de stad van de Sionsberg, op een ezel binnenrijdt.
Matteüs tekent Jezus aanvankelijk als een zachtmoedige koning die onder gejuich de stadsmuren binnenrijdt. Maar even later is Hij de man die onverschrokken en eigenhandig het huis van zijn Vader schoonveegt en alles opruimt wat daar het bidden belemmert. Het zal Hem duur te staan komen. In de eucharistieviering wordt het lijdensverhaal volgens Matteüs voorgelezen. Het valt op hoe vaak deze evangelist spreekt over een 'moeten', opdat de schriften vervuld worden.
Laat ons bij lezing niet vergeten dat het hele evangelie pas vele jaren ná de gebeurtenissen werd opgeschreven. Na de verrijzenis van Jezus hebben de leerlingen stapje bij stapje ingezien dat alles wat in de oude boekrollen stond opgetekend, in Hem werd vervuld. Zo kon men inderdaad spreken van een heilig 'moeten'.
Agnes Lameire, Levende Kerk, maart 2002